Spiker is pas één jaar oud, maar toch heeft hij al in de dodencel gezeten. Zijn eigenaren brachten hem naar een asiel waar honden die niemand wil hebben worden afgemaakt. Spiker kreeg echter gratie. ‘Toe dan, Spiker. Je kunt het!’ moedigt zijn trainer hem aan. ‘Pootje! Pootje!’

Het beest, een kruising tussen een kortharige Duitse pointer en een Labrador retriever, kijkt haar verbaasd aan. Dan weet hij het weer: de laatste keer dat hij gehoorzaamde, verscheen er als uit het niets opeens een koekje. Langzaam tilt hij zijn rechtervoorpoot op. ‘Goed zo!’ zegt Marcy, terwijl ze door zijn gevlekte vacht woelt en een hondenkoekje tevoorschijn haalt.

Spiker is voor Marcy net zo belangrijk als Marcy voor Spiker. Het 18-jarige meisje verblijft al negen maanden in Echo Glen, een jeugdgevangenis in Snoqualmie (Washington). Ze doet mee aan een experiment waarbij jeugdige delinquenten leren omgaan met in de steek gelaten honden.

‘Ik heb nog nooit een hond gehad omdat er nooit iemand bij me blijft,’ zegt Marcy. ‘Ook mijn familie niet. Ze laten me ofwel in de steek of ze gaan dood.’ Ze heeft haar vader nooit gekend en haar moeder stierf aan een overdosis drugs toen Marcy acht was. Daarna ging ze van opvanghuis naar opvanghuis, 50 in totaal. Omdat ze in ieder gezin ruzie kreeg, eindigde ze ten slotte op straat in de drugshandel. Ze moest meerdere keren voor de jeugdrechter verschijnen totdat ze uiteindelijk veroordeeld werd tot een jaar jeugdgevangenis in Echo Glen.

‘Daar was ik zo kwaad over!’ zegt Marcy. ‘Ik weigerde om met de anderen samen te werken.’ Maar een paar dagen na haar aankomst zag ze hoe enkele tieners vlak onder haar raam een aantal honden uitlieten. Dat zou zij ook mogen doen als ze haar gedrag aanpaste. ‘Deze honden hadden het net zo moeilijk als ik,’ zegt Marcy. ‘Ik wist gewoon dat ik een ervan een tweede kans kon geven.’

Echo Glen staat temidden van enorme dennen en doet nog het meeste denken aan een zomerkamp, met hutten, sportvelden en een binnenzwembad. Maar de 160 kinderen, van wie sommigen oranje overalls dragen als teken dat ze vluchtgevaarlijk zijn, worden bij iedere stap die ze zetten vergezeld door bewakers. Ze zijn allemaal (jongens van 10 tot 16 jaar en meisjes van 10 tot 21 jaar) veroordeeld voor ernstige, vaak gewelddadige misdrijven, zoals beroving en moord. De meesten hebben een drugsverleden en 70 procent van hen heeft last van een depressie, een gedragsstoornis of een persoonlijkheidsstoornis. Enkele van de zwaarste gevallen doen mee aan het hondenproject.

‘Deze jongeren hebben vaak eenzelfde verleden als de honden: ze zijn verstoten, verwaarloosd en misbruikt,’ zegt Jo Simpson. Zij werkt al jarenlang in de jeugdgevangenis en is een ervaren hondentrainster. Daarnaast heeft ze als jongerenwerker in Oregon meegeholpen bij het opzetten van een soortgelijk hondenproject. Acht weken lang geven de tien geselecteerde jongeren intensieve training aan een aan hen toegewezen hond en nemen ze zijn verzorging op zich. Zo doen ze vaardigheden op die ze buiten de gevangenis kunnen gebruiken. Ook leren ze om te zorgen. ‘Werken met de honden leert hen om verantwoordelijkheid te nemen,’ zegt Simpson. ‘Voor velen van hen is het überhaupt de eerste keer dat ze iets geven om een ander levend wezen.’

De training is economisch én effectief. Simpson beschikt over een budget van ongeveer 10.000 euro, dat bijeengebracht wordt door particulieren. Uit een door Echo Glen zelf uitgevoerd onderzoek is gebleken dat slechts 10 procent van de jongeren die met de honden had gewerkt, opnieuw werd gearresteerd, terwijl gemiddeld een op de vijf jonge delinquenten terugvalt in de criminaliteit. De cijfers vertellen echter slechts een deel van het verhaal. ‘Omdat de honden positief op hen reageren, leren de jongeren dat ze ook aan hun eigen leven een positieve draai kunnen geven,’ zegt Neil Kirkpatrick, psycholoog bij het Amerikaanse ministerie van Volksgezondheid.

Na de les dollen Spiker en Marcy samen door het gras, een duidelijk teken dat de twee elkaar gevonden hebben. ‘Eerst was ik bang voor hem,’ geeft Marcy toe, ‘maar toen ik hem eenmaal kende, begon ik me zijn lot aan te trekken.’

Wanneer Simpson een hond overdraagt aan een jongere, geeft ze hem of haar ook alle gegevens van het dier. Zo leren de kinderen iets over de achtergrond en het karakter van het beest; tijdens de lessen praten ze over wat ze denken dat er mis is met hun hond en hoe ze hem kunnen helpen. ‘Ze moeten het gedrag van het dier analyseren: waarom doet hij dit of dat?’ zegt Simpson. ‘Hetzelfde moeten ze ook bij zichzelf doen: waarom gedraag ik me zo?’

Tot nu toe is het programma een succes. Slechts een paar honden moesten worden teruggestuurd vanwege agressief gedrag en enkele kinderen moesten de training noodgedwongen voortijdig afbreken.

Meest gelezen in Inspiratie

  1. Internetzwendel: 7 valkuilen
  2. OPERATIE VUILNISBELT
  3. DE DAG DOOR MET autisme

Meer Artikels

Reageer op dit artikel

Naam*
E-mail adres*
Reactie*

Reactie aan de redactie

Verdien € 100 door ons uw bijdrage te sturen!

Wilt u reageren op een van onze artikelen, hebt u een suggestie of een tip voor de redactie? 

Of wilt u 100 euro verdienen met een persoonlijke bijdrage voor een van onze rubrieken, Lachen!, Leven of Op 't Werk?

Stuur uw reactie!