‘Kan iemand me horen?’ Zoals iedereen op de berg die dag, begon brandweerman Terry Cushman de hoop te verliezen. De belangrijkste eerste 60 minuten, waarbinnen traumapatiënten de beste kans op overleven hebben, waren allang voorbij. Het was inmiddels drie uur geleden dat de ijsgrot in de Cascade Mountains in de staat Washington in het westen van de VS was ingestort en twee jonge wandelaars had bedolven.

Meer dan 80 reddingswerkers zochten de helling af in de omgeving van de Denny Creek. Met kettingzagen, schoppen en hun blote handen hadden ze grote brokken ijs verplaatst, maar er restten nog vele tonnen. Zouden de slachtoffers voldoende lucht hebben om te ademen? Zouden ze verdrinken in het stijgende water of bezwijken aan onderkoeling voordat de reddingswerkers hen konden bereiken? Was het niet al te laat?

Cushman verdrong deze gedachten en kroop de schuivende ijsmassa binnen en riep opnieuw: ‘Kan iemand me horen?’ Ingespannen hield hij zijn adem in en luisterde hij naar een teken van leven in de bevroren puinhoop beneden hem.

Donderdag 21 augustus 2008 was in huize Corbett in Seattle begonnen met het zoeken naar wandelschoenen die bij elkaar horen en thermosflessen die nergens te vinden waren. ‘Het was duidelijk dat we dit niet vaak deden,’ aldus Joni Corbett (45) die samen met haar buurvrouw Chrissy Gelmini (54) een wandeling met hun twee zonen, twee dochters en twee honden in de nabijgelegen bergen had gepland.

Eindelijk liepen de twee gezinnen tegen de middag tussen de enorme sparren in het mosgroene licht over het pad langs de Denny Creek, 75 kilometer van hun woonplaats. Naast hen klaterde het smeltwater van de rotsen in de beek. De jongens, Alec Corbett (17) en Alessandro (bijnaam Ollie) Gelmini (14), renden vooruit om de weg te verkennen. De twee meisjes, Marta Gelmini (10) en Halle Corbett (7), bleven in de buurt van hun moeders. Ze sprongen van rots naar rots in de beek en speelden met de honden. Bij een kleine waterval stopten ze voor een picknick. ‘Het was zo mooi en zo dicht bij huis,’ vertelt Gelmini. ‘Ik weet nog dat ik dacht: waarom doen we dit eigenlijk niet vaker?’

Na de picknick liepen ze verder. Het pad werd steiler en rotsachtiger en naarmate ze hoger kwamen werd het frisser. Ze bewonderden de nevelsluiers bij de 25 meter hoge Keekwulee- waterval. Daar ontdekten ze een stuk ijs net boven de waterval. ‘Fantastisch, sneeuw in augustus, dacht ik,’ vertelt Corbett. Eenmaal dichterbij zagen ze dat het niet zomaar een berg sneeuw was. Ze hadden de opening van een enorme, door het water uitgesleten ijsgrot gevonden, die de volledige breedte van de ruim twintig meter brede kloof overspande. Winterse buien die vanaf de Stille Oceaan aan komen waaien, stuiten op de toppen van de Cascades en laten meters sneeuw achter in de hoge bergen. Een uitzonderlijk natte winter had de nauwe kloof boven de waterval met opgewaaide sneeuw overdekt. Wind, smeltwater en het gigantische gewicht van de sneeuw hadden het geheel samengeperst tot een kolossaal overhangend brok ijs. Zelfs in augustus was het pakket nog tientallen meters groot en meters dik. ‘Het zag er schitterend uit,’ aldus Corbett – een winterse edelsteen glinsterend in de zomerzon.

De grot was ook diep, schaduwrijk en aanlokkelijk koel na de hitte van de wandeling. Alec en Ollie poseerden bij de ingang terwijl Corbett een foto nam met haar mobiele telefoon. Toen draaiden de twee jongens zich om en stapten naar binnen. ‘De grot klonk hol,’ herinnerde Alec zich. ‘De sneeuw dampte in de zon en de beek overstemde bijna elk geluid.’

Terwijl ze verder naar binnen liepen in de doolhof van ijs en schaduwen, zagen ze een stukje licht van een andere uitgang. ‘We moesten de beek oversteken,’ vertelt Alec. ‘Ik gebruikte een tak als polsstok om aan de andere kant te komen, gooide die toen terug naar Ollie en draaide me weer om.’ Achter hem hoorde Alec het gekraak van de schoenen van zijn vriend op de stenen. Hij zag Cyprus, zijn beagle, tussen zijn benen door schieten en de grot uit rennen. Seconden later hoor-de hij gekraak: ‘Het klonk als sneeuw dat van een dak valt, maar dan luider.’ Veel luider.

Zo’n dertig meter verderop hoorde Tyson Goeppinger, een kampleider van de YMCA die slechts enkele minuten daarvoor nog met een groep mensen de ijsgrot had bekeken, een oorverdovend geraas en voelde hij de grond onder zijn voeten trillen. Hij wist meteen wat er gebeurd was. ‘Eerst leek het me fantastisch om in de buurt van een ijsgrot te zijn juist op het moment dat deze instort,’ vertelt Goeppinger. ‘Maar toen hoorde ik een vrouw gillen.’

Goeppinger rende in de richting van het gegil. Marilyn Pyke, leidster van een kerkgroep, kwam enkele minuten later aan. ‘We kropen voorzichtig over het ijs en riepen de namen van de jongens,’ vertelt ze. ‘De beek stroomde onder en rond het ijs. We staken ons hoofd in elke barst die we zagen en bleven de jongens roepen, maar er kwam geen reactie.’

Rondom lagen de stukken ijs die uiteengevallen waren op de rotsen. Pyke en haar groep probeerden met stokken de brokken ijs stuk te slaan en met hun voeten weg te duwen, zonder veel resultaat.

‘Ik dacht steeds maar: ze komen er wel uit,’ herinnert Gelmini zich. ‘Ik dacht dat ze elk moment naar buiten zouden komen wandelen en dat alles snel weer in orde zou zijn.’ Maar de minuten tikten weg en niemand kwam eruit. Joni Corbett had inmiddels in paniek het alarmnummer gebeld.

Onder het ijs was Alec verdoofd door de klap, maar in leven: ‘Ik wist niet wat er was gebeurd.’ Een stuk grot van 10 bij 15 meter was ingestort en had hem voorover op de grond gesmeten. Een kleine boomstam direct boven hem, met een doorsnee zo groot als zijn middel, voorkwam dat hij verpletterd werd. De stam hield het ijs deels tegen en zorgde voor wat ruimte om te ademen.

‘Ik was doodsbenauwd,’ zegt Alec. ‘Ik probeerde mezelf op te drukken om het ijs van me af te krijgen, maar het was veel te zwaar.’ Uitgeput legde hij zijn hoofd tegen de boomstam en probeerde niet in paniek te raken. ‘Toen hoorde ik Ollie kreunen.’

Zijn jongere vriend werd tegen een nabijgelegen rotsblok gedrukt, zijn linkerhand geplet onder een ijsblok en zijn zicht vertroebeld door bloed dat uit snijwonden in zijn gezicht liep. ‘Ik kon hem niet zien, dus riep ik of het goed met hem ging,’ vertelt Alec. ‘Maar hij kreunde alleen maar.’

Geef uw score!
Leuk artikel?Geef een hogere score

Meest gelezen in Rijker leven

  1. Wat helpt tegen een knoflookadem?
  2. Ooit een hippie, nu een miljonair
  3. Paradijs WEGGESPOELD

Meer Artikels

Reageer op dit artikel

Naam*
E-mail adres*
Reactie*

Reactie aan de redactie

Verdien € 100 door ons uw bijdrage te sturen!

Wilt u reageren op een van onze artikelen, hebt u een suggestie of een tip voor de redactie? 

Of wilt u 100 euro verdienen met een persoonlijke bijdrage voor een van onze rubrieken, Lachen!, Leven of Op 't Werk?

Stuur uw reactie!